31 januari 2008

Fluit

Eerst en vooral gaan we een vierkant terrein afbakenen. Het beste is dat je iemand aan elke zijde van het veld opstelt, om ongelukken te voorkomen. Vervolgens gaan we alle spelers blinddoeken, behalve 1. Deze ene speler krijgt van de leiding een fluitje. We verspreiden al de geblinddoekte spelers in het terrein. Nu kan het spel beginnen! De persoon met het fluitje gaat nu door de geblinddoekte personen stappen. Om de 30 seconden ongeveer moet hij 1 keer fluiten. Zo weten de geblinddoekte spelers waar de fluitende persoon zich bevindt en kunnen ze op het geluid afgaan. Het doel van het spel is de fluitende persoon te tikken.

30 januari 2008

Emmer met zand vullen

Voor dit amusante spel heb je twee emmers of kuipen nodig van gelijke grote en een lepel of kleine schop voor iedere gast en een hoop zand, genoeg om de emmer te vullen. Dit spel kan ook goed in een zandbak gespeeld worden. Verdeel uw gasten in twee teams. Laat elk team rond een emmer gaan zitten. Bij "Start" gaan de twee teams zo snel mogelijk met hun lepels hun emmer vullen.

29 januari 2008

Dobbelstenen - Stille Jan

De spelers moeten proberen als eerste de ogen van 1 tot 6 te gooien en dan terug van 6 tot 1.
Bij iedere beurt proberen de spelers eerst een 1 te gooien. Ze krijgen hiervoor één poging. Lukt het niet dan krijgt hij bij de volgende beurt een nieuwe poging. Indien dit lukt wordt deze poging bij zijn naam genoteerd. Vervolgens probeert hij bij zijn volgende beurt een 2 te gooien. De deelnemer die het eerste tot 6 gooit en dat terug van 6 tot 1 is gewonnen.

Damspel - Engels dammen

Idem als het gewone damspel, maar de spelers mogen ook horizontaal en verticaal verplaatsen en slaan.

28 januari 2008

Emmertje met water vullen

Verdeel de kinderen in twee teams en zet ze op een rij. Geef de eerste van elke rij een kop of een klein emmertje met water. Bij start moeten deze beide hun kop leeg gieten in een emmer die een paar meter verder staat. Deze lege kop geven ze aan de tweede in lijn. Deze moet eerst lopen naar de centrale emmer, die gevuld is met water en dan ieder naar zijn eigen emmer om hem bij te vullen. De spelers gaan proberen zoveel mogelijk water in hun kom te houden. Het einde van het spel is bereikt als al de leden van de beide groepen aan beurt zijn geweest. Die met de volste emmer zijn gewonnen.

Domino

Alle stenen worden met de waarden naar beneden op tafel gelegd en geschud. Elke speler trekt 5 stenen en stelt deze zo op dat ze niet zichtbaar zijn voor de andere spelers. De speler met de hoogste dubbel-steen (bv. 6:6 of 5:5) mag beginnen.Indien er geen van de spelers een dubbelsteen heeft, moet er opnieuw worden geschud.De tweede speler moet een passende steen aan de openingssteen aanleggen.De volgende speler moet aan één van de uiteinden een passende steen aanleggen en zo verder.Per beurt mogen de spelers slechts één steen plaatsen. Blanke stenen zonder punten passen alleen aan blanke stenen.Kan een speler aanleggen is hij verplicht aan te leggen.Dubbel-stenen dienen altijd dwars te worden aangelegd, zodat er nieuwe aanlegmogelijkheden bijkomen.
Einde van het spel : De speler die al zijn stenen heeft weggespeeld heeft gewonnen.Indien aanleggen niet meer mogelijk is, nadat alle stenen op zijn, zodat er geen nieuwe stenen kunnen worden getrokken, is het spel ook ten einde. In dat geval wint de speler met de minst overgebleven punten.
Puntentelling : De winnaar krijgt de punten van de overgebleven domino-stenen van alle spelers, verminderd met de punten van zijn eventuele eigen overgebleven stenen. Wie als eerste 100 punten heeft is de winnaar.

25 januari 2008

Ballon met verrassing

Iedereen krijgt een ballon met een verrassing in. Ze moeten de ballon laten springen om te kijken wat er in zit. Zorg voor het feestje voor klevers, niet al te grote. Rol deze op en stop ze in de lege ballon. Blaas de ballonnen op. Maak zoveel ballonnen als er gasten uitgenodigd zijn. Deel de ballonnen uit op het einde van het feest, ze moeten ze laten springen, door er op te gaan zitten of door te knijpen. Een knallende verassing wacht hen op.

Ballon aflossing concours

Vraag de kinderen om in twee rijen te gaan staan. Plaats een ballon tussen de knieën van de eerste in de lijn. Wanneer de race start moet de ballon doorgegeven worden aan de tweede persoon met behulp van zijn of haar knieën en zonder de handen. Het tweede kind moet dan weer de ballon doorgeven aan de derde persoon. Zo moet elk kind van de groep de ballon gehad hebben. Het team dat de ballon laat vallen moet opnieuw beginnen. Wie de ballon het eerst achter de startlijn krijgt is gewonnen!

Bal gooien in een cirkel

Onbeperkt aantal kinderen. De kinderen staan in een wijde kring. In het midden staat een kind met een bal. Het gooit een bal naar iemand in de kring, die eerst in zijn handen moet klappen voordat hij de bal vangt en hem dan weer terug gooit naar de werper. Vergeet hij echter te klappen, klapt hij te vroeg of vangt hij de bal niet, dan is hij 'af' en moet op de grond gaan zitten. Degene die het laatst over blijft is de volgende middenspeler. Het is toegestaan om schijnbewegingen te maken